Op een quilt hoort een label, tenminste, als je de quilt ooit ergens in een winkel of tentoonstellingsruimte wilt ophangen, en het is ook handig voor jezelf als je wilt weten wanneer je de quilt hebt gemaakt. Voor de gezellige ‘Stitch a little, talk a lot’ quilt die in Mei op de tentoonstelling in Etten-Leur komt te hangen heb ik een foto van de quiltdames verkleind en gewoon op witte popeline geprint, (popeline heeft een hele fijne dichte weving net als batik, en hierdoor komt de tekst en foto scherp afgedrukt). De stof had ik op maat geknipt op freeserpaper gestreken, en dit ging zo de printer in na een schietgebedje. Het ging hierna tien tellen onder de hete strijkbout ter fixatie. Deze quilt zal niet vaak gewassen worden, dus ben ik niet zo bang van verblekende tekst of foto.

Ik had al eerder al alle gegevens op de achterkant geschreven met een micron pigmapen, het label is voor de duidelijkheid.

Nog even de speldenkussentjes gevuld, nee, het ligt niet aan je ogen, de foto is wazig.

de oogjes van de kat heb ik met mettler machinaalborduurgaren geborduurd, en klaar is deze quilt

Voor de ‘My Home or Yours’ quilt zat bij het patroon een label op papier getekend, dus snel overgetrokken op stof, en nadat het huisje erop zat met needleturn appliqué, jawel, wilde ik voordat ik de tekenlijntjes ging borduren toch ook maar de tekst er opzetten. Spellingsfout in de naam van Lynette werd gecorrigeerd, beetje slordig maar daar zou ik me met een krul wel uit hebben kunnen borduren. Maar toen ik daarna My Homo schreef en van de o een e maakte en zag hoe rommelig dit er uit zag,

had ik hier zo de pee in dat ik niet eens wilde proberen dit te verbloemen met een krul in de o. 🙁 Volgende keer eerst alles op stof schrijven, en dan pas appliqueren, of een uitwisbare pen gebruiken.
Terwijl de quilt gewassen en gedroogd werd (hier ligt hij kleddernat na een korte bonte 30 graden was met 600 toeren centrifugeren op de grond in een kamertje met de deur dicht te drogen)

heb ik maar een simpele label geprint, en het er op genaaid. Natuurlijk kon ik ook hier mezelf weer betrappen op een fout slordigheid, want ik kwam er pas achter dat ik hem op zijn kop had vastgenaaid toen hij vast zat. Een label met hindernissen zullen we maar zeggen.

Categoriearchief: Applique
Stitch a little, talk a lot
Twee weken geleden pakte ik het patroon van Amy Bradley ‘Stitch a little, talk a lot’ voor de zoveelste keer van de snijtafel, maar deze keer was ik echt van plan om hem te maken. Ik had het afgelopen zomer voor mijn verjaardag gekregen van mijn zoon, hij had hem gekocht bij Quiltshop Leur, ze hebben er nog veel meer :-).
Het uitzoeken van de lapjes was een hele kluif, ik geloof dat ik alle bakken en kastjes heb doorgespit voor net dat ene bloemetje, dat speciale grijze en ik wist dat ik nog een stukje zilver had, maar wáár?
De volgende middag wilde ik er verder mee gaan, Zopje op de lapjes te slapen, hij heeft er een neus voor en gaat altijd op verse stapeltjes stof liggen, de boef.

Eerst moesten alle patroondelen op plakvlies overgetrokken worden, toen kon ik ze op de achterkant op stof strijken en uitknippen, Loki komt kijken wat ik aan het doen ben en springt er pardoes bovenop.

Daarna kon het leuke werk beginnen; als een puzzel alles op z’n plek leggen,
hier liggen de onderdelen los op het papier, het ziet er al nu al leuk uit!

Loki zocht naar restjes papier, ik had gelukkig de belangrijke patroondeeltjes elders verstopt.
De onderdelen streek ik eerst op hun plaats op een teflon bakvel (gekocht bij een bakwinkel), deze zat vastgespeld op het patroondeel dat op een stijkplankje lag, zodat het niet kon verschuiven. In de quiltwinkel kan je ook teflonvellen kopen voor dit doel, klik hier ze zijn niet goedkoop maar je doet er je leven lang mee.
Toen ik met dame nummer drie bezig was,

had ik de andere twee dames even tegen het behang geplakt zodat Loki er niet mee aan de haal kon gaan, ze lieten de volgende dag gelukkig makkelijk los.
Eenmaal alles klaar kon ik het op de ondergrond strijken,

ik gebruikte hiervoor een printloze witte (quilt)katoen, want ik wist dat je na het doorquilten weinig zou zien van een evt. printje.

De lijntjes op handen, tafelkleed en kleding tekende ik met een Friction pen, het verdwijnt na verhitting, maar omdat ik er overheen ging naaien zou het geen ramp zijn als het niet zou verdwijnen.

Voordat ik kon gaan vast naaien heb ik op de achterkant Stik en Trek papier gespeld, dit om samentrekken van stof te voorkomen,

Op de Pfaff 2030 zit een hele mooie festonsteek, ik gebruikte overal bruine (2360) Aurifill behalve voor de zwarte stoffen, deze heb ik met zwarte Gütermann gedaan, gewoon omdat ik geen zwarte Aurifill had.

Wat een klus zeg, heel veel draaien en keren, met een top die stijf is van het papier en de vast gestreken onderdelen. Halverwege was ik opeens het bonbondoosje en de bruine snoeppapiertjes kwijt, gelukkig waren ze nog niet ingepikt door Loki, die alles goed in de gaten hield wat op de tafel gebeurde. Het Stik en Trek papier trok/ritste ik zo los na afloop, het is te stug om te laten zitten, het is even een werkje waarbij je moet opletten, je wilt namelijk niet het naaiwerk lostrekken.
Borders zaten er zo op, wat een verschil maakte dat zeg!

Leuke achterkantje gevonden, past qua kleur niet echt erbij, vond de dame met blauwe jurk ook, maar de maat was perfect

Sandwichen heb ik gedaan met kopspeldjes omdat ik te lui was om op zoek te gaan naar mijn veiligheidsspelden, ze bleken gewoon beneden op tafel te liggen, ontdekte ik, toen ik mijn Bernina van tafel haalde om boven neer te zetten voor het quiltwerk. Opruimen na gebruik is niet mijn sterkste kant momenteel, maar het maakt een mens wel inventief. Bij zo’n kleine quilt kan het ook best met speldjes, de kans dat je er in grijpt is klein.
Nadat ik hem in de ditch van de border en op alle lijntjes rond en op de applicaties had doorgestikt, hield Loki de quilt warm voor me, ik moest even nadenken hoe ik de rest ging doorquilten, en met welke kleur, het grijze of wit.

oh je gaat verder?

Het origineel was met spiralen doorgequilt, maar ik wilde net even wat anders, en zo kwam ik op een beetje Mc.Tavish-achtige toestand, (klik hier voor een uitleg van Leah Day) en voor de border hetzelfde maar iets groter motief. En heel af en toe ging ik met het witte garen over de rode border,

balen, maar snel opgelost door het foutje aan te stippen met rode pigmapen.

Het is dat je er nu schuin tegenaan kijkt dat het lijkt of ik wat ben vergeten te kleuren, recht ervoor staan kijkend zie je er niks meer van. Niet vergeten om dit even te fixeren met de strijkbout (het kleine Clover strijkijzertje is hier prima voor, daarmee kan je heel precies het puntje aanraken).
Even eten, de quilt leg ik op de machine, Loki ligt op de strijkmat en een restje vulling

En opeens is hij een dag later af, 🙂

de ophangsleuf zat in een mum van tijd vast, het stokje had ik nog liggen; deze is wel een beetje krom en te lang, maar voor de foto kan het wel.

ipv een label heb ik de tekst (mijn naam, woonplaats, naam van de ontwerpster en datum) er gewoon achterop geschreven met een zwarte Micron pigmapen, een label kan altijd nog.

Oei, ik zie nu dat ik de poezenoogjes ben vergeten,

dit doe ik morgen wel even met een DMC draadje, een paar steekjes felgroen met in ’t midden een streepje zwart.

“De bies had netter gekund”, ik hoor het ze fluisteren……..

maar jullie weten het hè: beter af dan perfect ?
Rose of Sharon
Ik heb nog een Work in Progress (want ik was er aan bezig geweest voordat ik onderuit ging vorige maand) op tafel liggen die hopelijk dit jaar af komt.
Tijdens onze vakantie naar Amerika in 2011 deden we ook New York aan, en een bezoek aan de The City Quilter was een mooie bonus, daar kwam ik oog in oog te staan met een juweel van een quilt en ik was verkocht!

Het patronenboek van deze quilt ging mee naar huis, en in Maart 2012 had ik welgeteld 3 blokken klaar. Het is quilt as you go, machinaal raw edge appliqué, met glitter nr 114 Superior Threads stik ik de op Heat ‘n Bond feather lite gestreken onderdelen door, dit is het leukste van het maken van deze blokken, het vastnaaien/doorquilten. Je denkt tevoren al dat het een mooi blok is, maar als je ziet wat het effect van het glittergaren is krijg je (ik in ieder geval) helemaal een wow-gevoel.

Begin 2013 werd het vuurtje weer aangewakkerd toen ik op verzoek op de bee de blokken liet zien, er kwamen toen 3 blokken bij, ik werkte er met pauzes van maanden aan, en toen ik in november 2014 blok nummer 10 af had (nummers volgens het boek)

beloofde ik mezelf dat ik er nu achter elkaar aan zou werken zodat de top klaar zou zijn in januari 2015. Ik hoefde nog maar 3 grote blokken te maken, 4 halve (hoek)blokken
en 8 kwart (rand)blokken. Kwestie van stofjes uitzoeken, onderdelen strijken, knippen, opnaaien en doorquilten.

Dacht het niet. Ik ben tot hier gekomen,

uh, mis ik iets? Als ik blok nr 10 af heb, moet ik er toch ook 10 hebben? Ik kom maar aan 9, en na tellen en met boek erbij nakijken kom ik er nu pas achter dat ik er eentje (#3) heb overgeslagen; damn, nu moet ik er van nog eentje alle onderdelen op Heat ‘n Bond feather lite overtrekken, minst leuke karwei.
Hier zijn de blokken op een rij

de laatste heb ik met mijn mobieltje gefotografeerd, zonder flits, wat de lichtval verklaard, en ik stond er ook niet helemaal recht voor, vandaar dat hij ook misvormd lijkt.
Heb je EQ6 dan kan je het patroon hier downloaden, het boek is ook hier bij Amazon te koop
Inspiratieloos
Zaterdagmiddag liep ik achter mijn winkelwagen in de supermarkt door de gang van kattenvoer en dergelijke, toen ik een klein meisje van amper 3 tegen haar moeder hoorde kletsen over dat ze voor de poesjes ook eten moesten kopen. De moeder (een vriendelijk ogende zeer sjiek geklede dame van 45+ , als ’t niet nog meer was) zei dat ze dat ook wel een leuk idee vond om die katjes buiten af en toe wat lekkers te geven, ze waren ook zo lief, en ze stond naar de pakken kattenvoer te kijken welke ze nou zou moeten nemen.
Ik wilde niks zeggen, echt waar, ik dacht: “doorlopen, niet mee bemoeien”, maar zag toen de bolle buikjes van onze twee jeweetwel senioren in huis, en toen flapte ik het er uit, wel op rustige toon hoor; dat ze niet zomaar andermans katten moest voeren, want wie weet stonden deze katten op een dieet, en had de eigenaar veel moeite ze slank/gezond te krijgen, maar lukte het niet omdat ze buitenshuis te eten kregen. Ze zei dat het jonkies waren die al een paar weken van toen ze nog heel erg klein waren door de buurt zwierven, en zo gezellig sliepen op hun lounge set in de tuin. (Ik zou tuinstoel/bank hebben gezegd) Ze zei dat ze maar af en toe de katjes dan wat eten zou geven, gewoon voor de gezelligheid, en misschien tot het pak leeg was, en dan zou ze wel weer zien, en hoe lang ging zo’n pak eigenlijk mee, vroeg ze zich en-passant af. Hoe lang wil je het gezellig hebben, vroeg ik me in een flits af.
Mijn nekharen gingen omhoog staan, “mens, ga vogels voeren”, dacht ik. Ik legde uit dat deze schattige kittens als ze goed gevoed zouden worden snel tot volwassen katers en poezen zouden opgroeien die de tuin als vaste honk zouden zien, en dat ze eenmaal hormonaal actief ook hun geuren zouden verspreiden op en om de lounge set, en met deze stank nog meer hitsige katers en poezen zouden aantrekken.

De loungesetdame keek al een stuk minder vrolijk, hier had ze niet over nagedacht. “Wat zou u doen?”, vroeg ze, en een oudere mevrouw die het gesprek gehoord had en op het punt stond om door te lopen, bleef achter de loungesetdame staan om nog meer verpakkingen te bestuderen. “Wat zou ik doen. Wat u kunt doen is ze vangen en dan naar het asiel brengen om te zien of ze gechipt zijn, want misschien zijn ze wel van iemand anders. En zijn ze niet gechipt, en heeft u plek voor huisdieren, dan houd u ze. Maar dan moet u ook goed voor ze zorgen door ze te laten inenten, steriliseren, ontvlooien, ontwormen, en eten geven uiteraard.”
De loungesetdame keek nog serieuzer, en vroeg of ik wist hoeveel dat allemaal zou kosten; jazeker wist ik dit, van de kosten van voeding per maand voor 2 opgroeiende katten, tot aan sterilisatie aan toe, en het was maar goed dat de loungesetdame het winkelwagentje vast had, want anders was ze omgevallen. Ze bedankte me voor de informatie, boog zich voorover om haar dochtertje, die al die tijd naar afbeeldingen van poezen had staan kijken, te vertellen dat poezenvoer kopen niet zo slim idee was, want dat had die mevrouw mama verteld, en het kleine meisje keek me toen met een trillend lipje aan. Ik liep maar snel door, thuis wachtte mijn eigen kinderen me op, met trillende lipjes als ik niks te eten mee zou nemen. Alhoewel, ze zijn vrij assertief opgevoed en het is of de kindertelefoon spareribslijn bellen, of de shoarmatent.
Om mijn handwerkspullen een beetje veilig op te bergen heb ik mijn open tas naast de stoel omgeruild met een oude Curverkoffer die vroeger (21 jaar geleden) als luiertas dienst deed,

inbreekproof voor die kleine mannen, en het staat wel netter dan een omgevallen tas waar een staart uit steekt. Het volgende blokje van My home or yours is ook al klaar,

ik moet er nu nog een stuk of 4 maken, de patronen zijn al op stof getekend, leuk werkje voor op de bee. tussen de bedrijven door stort ik me ook op de Love Entwined, de blaadjes zitten al aan een tak, de bloem in de top zit vast,

voor de rondjes heb ik het volgende even uitgeprobeerd,

je duwt adw de naad in op de achterkant van de stof, en dan vouwt het al bijna vanzelf om naar binnen, met een beetje hulp van de naald tijdens het appliqueren;

oké, het is niet helemaal perfect rond geworden, maar er komen nog bruine streepjes op en een hartje, en dan valt het allemaal niet meer zo op. Net zoals wanneer je een dikke pukkel op je neus hebt maar ook een schreeuwerig sjaaltje draagt, alle ogen op de bee trekken naar het sjaaltje en geen hond heeft het later meer over die pukkel. En verder wil ik ook de Kitty’s cottage afmaken, ik heb eindelijk mooi breed meerkleurig zijdelint gevonden om de voorste beplanting links in de hoek te maken

een scherpere foto volgt zodra hij klaar is, of je kijkt even hier
en als de cottage klaar is, en de MyHomeOrYours blokjes, mag ik van mezelf iets nieuws beginnen, hoop ik. Nee, wat dit betreft ben ik alles behalve inspiratieloos, dus waar de titel van dit blogje op slaat? Geen idee.
Veldhoven deel 1
Volle accu, volle tank, vol goede moed, pinpas op zak, en met hoge verwachtingen reed ik vanmorgen naar Veldhoven, de navigatiemadam negerend vanaf het moment dat de afslag Veldhoven in zicht kwam, en zo reed ik in één keer goed. Bij het inrijden van een parkeerbaan -aangewezen door een vriendelijk lachende jongeman- had ik het geluk dat die rij bijna helemaal vol was, en zo kon ik aan het eind van die rij de bocht om doorrijden naar bijna helemaal het begin van de volgende rij, wat mij een stuk loopwerk scheelde, als jullie het nog snappen vind ik het heel knap, want ik was ’t al halverwege kwijt, maar mijn vingers wisten nog wat ze moesten typen.
Gelukkig kunnen jullie zometeen al met een kopje koffie/thee/stevige borrel/jointje de eerste slideshow met ongeveer 50 foto’s bekijken, ik deel ze in hapklare brokken van ongeveer 6 minuten, heeft te maken met de hedendaagse concentratiespan die niet meer zo wijd is, of ligt het aan de leeftijd? Ik sloeg bij het inlopen van de grote zaal links af (zie rode pijl op het kaartje hieronder) en besloot me nu eens niet te laten afleiden, maar rij voor rij te kijken/foto’s te maken. Ging dat effe goed! Dus de foto’s beginnen bij de quilts van Rita Frizzera, ‘k heb eerst de groene wand gedaan en toen gaan zigzaggen in het grijze vlak.

Nog een notitie voordat je gaat kijken: sommige quilts kwamen qua kleur heel slecht over met de flits aan, en zonder de flits zijn de kleuren weer erg warm. En warm was het ook in de zaal, jemig, ik zweette bijna uit mijn jeansjasje, maar uittrekken wilde ik deze niet, want ik heb een beetje flubber-bovenarmen, en we willen het wel smakelijk houden hè.
Geniet van de foto’s!
[youtube=http://www.youtube.com/watch?v=QKWILZOgs9I&w=420&h=315]
