Afgelopen dagen heb ik eindelijk weer een ufo (un finished object) afgemaakt, hij lag sinds sept.’17 als mooie top opgevouwen in de quiltkamer, met 140x 140 is het een makkie om door te quilten op de naaimachine.

Ik heb vrijdag de achterkant uit een lap gehaald die uit de uitverkoop kwambij Quiltshop Leur afgelopen Kerst, de bomenstof past mooi bij het thema van de top, die gemaakt was van een Jelly Roll van Enchanted Forrest van Lewis& Irene. De zelfkanten knipte ik er af nadat ik de stofdelen met een flauwe zigzagsteek tegen elkaar had genaaid, flauwe zigzag zodat de naad een klein beetje mee kan rekken met de stof, de naden strijk ik daarna niet open maar naar een kant.

Ik had nog genoeg heerlijk lichte en fluffy wollen vulling op de rol zitten, twee jaar geleden gekocht bij Patch & Stitch van Wendy Jansen,
en op de 2 latten methode was hij vlotjes gesandwicht, zie boven aan deze blog bij de mooie foto van Arya het woordje Tutorials staan? Als je hierop klikt zie je de 2 latten uitleg van Sharon Schamber, en nog meer handige linkjes.

jaja de oplettende kijker ziet gelijk dat ik de top verkeerd heb opgerold, de goede kant moet tegen de lat aan liggen, maar dat mocht de pret niet drukken en een paar uur later was hij doorgequilt; dit deed ik boven, want de machine stond daar en nu had ik een excuus om mijn bureau op te ruimen. Geen kat die ik hoorde klagen, er werd wel even diep gezucht dat ze hun nieuwe plekjes moesten opkloppen.

Voor het doorquilten koos ik een woodgrain (houtnerf) patroon, op oa de website van quilting is my therapy is deze te zien (mijn houtnerf ziet er weer iets anders uit); deze had ik al meerdere keren op de longarm quiltmachine in Leur gedaan (longarm is daar nu niet meer), maar nog nooit op mijn naaimachine, en dat is toch wel even anders, je hebt minder overzicht. Maar het is gelukt hoor, ik ben heel tevreden met het mooie lijnenspel. Eenmaal klaar nam ik de quilt mee naar buiten voor een snelle fotoshoot, Jon vertrouwde het niet en sloeg een paar keer naar de quilt voordat hij weer doorliep, er viel hier niks te halen qua eten

Ik had een hele mooie Aurifil Mako’ne dikte 40, kleur 3817, dit is een hele mooie kleurrijk garen, ik gebruikte een topstitch naald nr 90,

en in de spoel stopte ik Decobob van Wonderfil kleur 112, een superdun polyester garen die haast verdwijnt in de stof mits de spanningen goed zijn ingesteld.

Label printen, biesje snijden en opnaaien gebeurde zaterdag, Zopje likte zijn lippen erbij af

Arya vond de knijpertjes wel geinig en bood aan ze te verwijderen voor me, de schat. De bies opnaaien en tegenzomen deed ik met de naaimachine,

en zondagmiddag zette ik het label er met de hand op, jaja, het gaat voor eventjes -als in niet te lang achter elkaar- weer. Mooi eindresultaat

Arya wilde met haar camouflagepakje aan ook nog een keer op de foto bij de schommelbank.

Lees hier als je wilt weten hoe ik de lapjes heb besnuffeld, geaaid, genaaid en gesneden, het patroon komt van Rob Appell van Man Sewing, en ik heb het hier bekeken, op het kanaal van Missouri Star Quilt Compagny. Pas wel op, de blokken zijn allemaal zo rekbaar als elastiek, voor je het weet krijgt de quilt een fantasievorm.
Categoriearchief: Affo’s
Prettig productief
Altijd leuk om terug te blikken op het afgelopen quiltjaar als het nieuwe quiltjaar voor de deur staat, het was voor mij het jaar van 4 kleine quiltjes, ik heb niet één 1 persoons beddenquilt gemaakt, hoe is het mogelijk? Maar wie het kleine niet eert is het grote niet weerd.
Amy Buttler ontwerpt hele leuke grappige en mooie quilts, ik maakte er twee dit jaar


allemaal met de naaimachine gedaan

ik was heel tevreden over de label, zelf geprint.

en deze vond ik zo geinig, het zegt alles over een quilter

ook hier met een geprinte label

De “elke dag een huisje” (Building houses from scraps) quilt van Jeanneke kwam bij mij niet verder dan af en toe een huisje

Om de rand niet te zwaar te maken zette ik een piping tussen de bies en de border, altijd leuk.

alles in de ditch gequilt

label met een kleine correctie

En als laatste de stitchery My Home or Yours, deze kreeg een andere dan door de ontwerpster bedachte lay-out

Het is weer eens wat anders

Alle stitcheries in de ditch gequilt op de naaimachine

met een eenvoudige geprinte label

Find-, hug-, buy- and stash the fabric
Nadat ik de huisjesquilt had afgemaakt, zou ik in principe een andere UFO afmaken, maar ik vond op zoek naar mijn stofjes behorende bij de UFO nóg een patroontje van Amy Bradley, en deze was te schattig om te laten liggen, en al snel waren de eerste blokjes al op stof gestreken, de fabric hugging lady is al genaaid, machinaal met een festonsteek en met stik en trek op de achterkant om samentrekken van de stof te voorkomen.

Ik had het patroon zeker twee jaar geleden gekocht in Quiltshop Leur klik hier voor het patroon, als het geen drie jaar geleden was. Even een vluggertje tussendoor, dacht ik, toen ik op 1 April alle vier de blokjes klaar had

maar er kwamen andere zaken tussendoor, en zo duurde het toch een maand voordat ik hem kon ophangen. Het uitzoeken van een leuke borderstof viel nog niet mee,

je wilt niet dat de border de aandacht steelt van het onderwerp, en zo werd het deze streepjesstof, een week na het starten was hij gesandwicht en kon het leuke quilten beginnen.

Het dollar teken heb ik wel met de machine gequilt met zwart garen, maar Kat-ching niet, want ik moest dan op zo’n klein stukje zoveel aan en afhechten, daar had ik echt geen zin in, de micron pigma pen lijn vond ik voldoende.

Loki zorgde voor het materiaal dat het niet van tafel gleed of rolde, vlak voordat ik deze foto maakte was ik het klosje garen kwijt; ze zat er met haar poepertje boven op!

En toen ik het klosje (Superior Threads, Rainbows nr 842) op de naaimachine zette en het garen inreeg, hield ze het goed in de gaten,

het is een portret hoor, dat kleine zwarte poesje, die zelfs op de naaimachine klom toen ik bezig was

en het draad met haar pootje tegenhield.

Ik heb ze mee naar beneden gelokt door even in de tuin te gaan werken en heb het quiltwerk van de streepjesstof op de bee gedaan, wel zo handig.
Toen al het quiltwerk klaar was, kwam de quilt nogal geplooid en golvend uit mijn tas woensdagochtend, een korte wasbeurt zou dat wel verhelpen, maar toen ik hem uit de wasmachine haalde zag ik dat ik wat was vergeten vast te naaien

Ojee, niet zo handig, maar het viel gelukkig mee om nog op de naaimachine vast te zetten met de festonsteek, omdat de quilt maar klein was en de bochten van het losse stukje gering. Een bies (1,25″) gesneden, ophangsleuf erop gespeld en een label geprint.

Goed bezig! Ook met het vastnaaien van het label zat de controleur erbij, even kijken of het wel een stevig genoeg draadje is, dit was op 4 Mei

en daar hangt hij dan, gezellig en vrolijk te wezen.

In het pakketje zaten labels met tekst Find the fabric, Hug the fabric, Buy the fabric, Stash the fabric, maar ik kon ze nergens vinden en laat het dus zo, dit quiltje heeft geen woorden nodig om het te snappen.
Mijn twee Amy Bradley quiltjes zijn te zien met de tentoonstelling in het Trouwkerkje in Etten Leur (aan het van Bergenplein, vlak bij de winkel) 15 Mei t/m 21 Mei. Of ze hangen in het kerkje, of ze hangen in de winkel, dat is nog een verrassing.
Woonwijk is opgeleverd!
Hij is klaar, de elke dag maar niet heus een huisje 🙂 en ligt nu te drogen in de tussenkamer. Gisteren quiltte ik op de border allemaal dwarse strepen die ongeveer een inch uit elkaar lagen, met een kalkpotloodje markeerde ik met een stipje waar de lijntjes moesten lopen, en zette de quiltlijnen met zwart garen met freemotion, alleen deze keer langs een liniaaltje.

Ging lekker.
Beetje jammer van het afvalzakje dat gevuld was met alle veiligheidsspeldjes die ik tijdens het quilten uit de quilt haalde. Zo’n groot zakje is handiger dan een klein doosje, want ik kan zonder te kijken het speldje erin mikken, altijd mijn ogen op het werk houden.

Met een zwaai van opluchting zwiepte ik hem van tafel, hup de prullenbak in. Op zijn kop uiteraard.

Er zijn ergere dingen, maar het houdt de boel zo op. Voordat ik de bies erop naaide heb ik er een rode piping aan toegevoegd, want ik vond het nogal saai. 
De piping sneed ik 1″ breed, in de lengte dubbelgestreken en met de vouwrand naar binnen wijzend naaide ik deze eerst tegen de boven en onderrand, en daarna tegen de zijkanten, een kind kan de was doen, maar misschien is het mooier de volgende keer dat ik hem 0,75″ breed snijd, óf er een draad door trek, want het is een beetje een futloos gevalletje.

Voor de bies gebruikte ik dezelfde stof als van de sashings, ik had net genoeg om er 2″ brede stroken van te snijden, dubbelgevouwen er tegenaan gezet moest dat lukken. Meestal neem ik 2,25″, dat kleine beetje meer maakt het machinaal tegenzomen makkelijker, nu zou ik het dus met de hand moeten doen, het zij zo, maar het houd zo op. 
Voor het label nam ik het lapje dat als cadeautje van Quilt Online in de goodybag zat met de Helmondse quiltdag,

en deze had ik meegestikt met de bies, zodat ik maar twee randen hoefde vast te naaien met de hand.
Uiteraard was ik de l vergeten in Building, en deze propte ik er niet al te subtiel tussen, verder ging het geloof ik wel goed met me.

Ik ben twee uur bezig geweest met de bies tegenzomen, wat een rotwerk is dat als je met zwarte stof werkt, je ziet echt niks! Toen ik dacht dat ik klaar was, zag ik dat ik de ophangsleuf nog moest vastnaaien.

En toen hij klaar was en ik hem met een zucht van opluchting en verrukking omdraaide en deze rechts-onder hoek zag, had ik een “grrrrr” moment,

Het uiteinde van de piping was met het vastnaaien op de top er tussenuit geschoven. Normaal als ik de bies omdraai en dan ga vastspelden, check ik meestal de hoek aan de voorkant of de vouwlijn van de bies mooi schuin naar de punt loopt, maar nu dus niet, want dan had ik het gelijk gezien, verdorie toch! Heel voorzichtig haalde ik aan de voorkant een paar stiksteekjes van de bies los tot ik de piping er in kon stoppen, en daarna moest ik de boel weer dichtnaaien met de hand, door alle lagen heen stekend.

Hier word een mens niet vrolijk van. (Moeilijk te geloven, maar ik vind het echt heerlijk werk, quilts maken)
Mijn broek zakte daarna bijna af toen ik het stiksel zag van de piping, ik had er op gelet dat ik een smallere naad naaide, maar niet overal goed gelukt dus. Gelukkig hoefde ik maar drie stukken van 10 cm uit te halen, het houd maar niet op..

Maar toen hij echt klaar was en voor de fotoshoot even op mijn naaikamer mocht hangen, was alle leed weer vergeten, net als bij een bevalling.

de gestreepte zwarte border geeft diepte in de top, als het stippeltjeszwart was geweest, had het net zoveel aandacht gevraagd als de huisjes, en nu duwt de border de huisjes naar voren. Net als op een feestje, je hebt een paar muurbloempjes nodig om de sterren op te laten vallen, als we allemaal sterren zijn is het saai.

En toen ging hij na de was (niets afgegeven van kleuren!) in de tussenkamer, Loki checkte even of alles goed lag en toen mocht de deur dicht.
Op naar de volgende UFO.
Stitch a little, talk a lot
Twee weken geleden pakte ik het patroon van Amy Bradley ‘Stitch a little, talk a lot’ voor de zoveelste keer van de snijtafel, maar deze keer was ik echt van plan om hem te maken. Ik had het afgelopen zomer voor mijn verjaardag gekregen van mijn zoon, hij had hem gekocht bij Quiltshop Leur, ze hebben er nog veel meer :-).
Het uitzoeken van de lapjes was een hele kluif, ik geloof dat ik alle bakken en kastjes heb doorgespit voor net dat ene bloemetje, dat speciale grijze en ik wist dat ik nog een stukje zilver had, maar wáár?
De volgende middag wilde ik er verder mee gaan, Zopje op de lapjes te slapen, hij heeft er een neus voor en gaat altijd op verse stapeltjes stof liggen, de boef.

Eerst moesten alle patroondelen op plakvlies overgetrokken worden, toen kon ik ze op de achterkant op stof strijken en uitknippen, Loki komt kijken wat ik aan het doen ben en springt er pardoes bovenop.

Daarna kon het leuke werk beginnen; als een puzzel alles op z’n plek leggen,
hier liggen de onderdelen los op het papier, het ziet er al nu al leuk uit!

Loki zocht naar restjes papier, ik had gelukkig de belangrijke patroondeeltjes elders verstopt.
De onderdelen streek ik eerst op hun plaats op een teflon bakvel (gekocht bij een bakwinkel), deze zat vastgespeld op het patroondeel dat op een stijkplankje lag, zodat het niet kon verschuiven. In de quiltwinkel kan je ook teflonvellen kopen voor dit doel, klik hier ze zijn niet goedkoop maar je doet er je leven lang mee.
Toen ik met dame nummer drie bezig was,

had ik de andere twee dames even tegen het behang geplakt zodat Loki er niet mee aan de haal kon gaan, ze lieten de volgende dag gelukkig makkelijk los.
Eenmaal alles klaar kon ik het op de ondergrond strijken,

ik gebruikte hiervoor een printloze witte (quilt)katoen, want ik wist dat je na het doorquilten weinig zou zien van een evt. printje.

De lijntjes op handen, tafelkleed en kleding tekende ik met een Friction pen, het verdwijnt na verhitting, maar omdat ik er overheen ging naaien zou het geen ramp zijn als het niet zou verdwijnen.

Voordat ik kon gaan vast naaien heb ik op de achterkant Stik en Trek papier gespeld, dit om samentrekken van stof te voorkomen,

Op de Pfaff 2030 zit een hele mooie festonsteek, ik gebruikte overal bruine (2360) Aurifill behalve voor de zwarte stoffen, deze heb ik met zwarte Gütermann gedaan, gewoon omdat ik geen zwarte Aurifill had.

Wat een klus zeg, heel veel draaien en keren, met een top die stijf is van het papier en de vast gestreken onderdelen. Halverwege was ik opeens het bonbondoosje en de bruine snoeppapiertjes kwijt, gelukkig waren ze nog niet ingepikt door Loki, die alles goed in de gaten hield wat op de tafel gebeurde. Het Stik en Trek papier trok/ritste ik zo los na afloop, het is te stug om te laten zitten, het is even een werkje waarbij je moet opletten, je wilt namelijk niet het naaiwerk lostrekken.
Borders zaten er zo op, wat een verschil maakte dat zeg!

Leuke achterkantje gevonden, past qua kleur niet echt erbij, vond de dame met blauwe jurk ook, maar de maat was perfect

Sandwichen heb ik gedaan met kopspeldjes omdat ik te lui was om op zoek te gaan naar mijn veiligheidsspelden, ze bleken gewoon beneden op tafel te liggen, ontdekte ik, toen ik mijn Bernina van tafel haalde om boven neer te zetten voor het quiltwerk. Opruimen na gebruik is niet mijn sterkste kant momenteel, maar het maakt een mens wel inventief. Bij zo’n kleine quilt kan het ook best met speldjes, de kans dat je er in grijpt is klein.
Nadat ik hem in de ditch van de border en op alle lijntjes rond en op de applicaties had doorgestikt, hield Loki de quilt warm voor me, ik moest even nadenken hoe ik de rest ging doorquilten, en met welke kleur, het grijze of wit.

oh je gaat verder?

Het origineel was met spiralen doorgequilt, maar ik wilde net even wat anders, en zo kwam ik op een beetje Mc.Tavish-achtige toestand, (klik hier voor een uitleg van Leah Day) en voor de border hetzelfde maar iets groter motief. En heel af en toe ging ik met het witte garen over de rode border,

balen, maar snel opgelost door het foutje aan te stippen met rode pigmapen.

Het is dat je er nu schuin tegenaan kijkt dat het lijkt of ik wat ben vergeten te kleuren, recht ervoor staan kijkend zie je er niks meer van. Niet vergeten om dit even te fixeren met de strijkbout (het kleine Clover strijkijzertje is hier prima voor, daarmee kan je heel precies het puntje aanraken).
Even eten, de quilt leg ik op de machine, Loki ligt op de strijkmat en een restje vulling

En opeens is hij een dag later af, 🙂

de ophangsleuf zat in een mum van tijd vast, het stokje had ik nog liggen; deze is wel een beetje krom en te lang, maar voor de foto kan het wel.

ipv een label heb ik de tekst (mijn naam, woonplaats, naam van de ontwerpster en datum) er gewoon achterop geschreven met een zwarte Micron pigmapen, een label kan altijd nog.

Oei, ik zie nu dat ik de poezenoogjes ben vergeten,

dit doe ik morgen wel even met een DMC draadje, een paar steekjes felgroen met in ’t midden een streepje zwart.

“De bies had netter gekund”, ik hoor het ze fluisteren……..

maar jullie weten het hè: beter af dan perfect ?
