Toen Puk tegen de middag nog niet thuis was, besloot ik na de lunch te gaan zoeken, ik hoopte zo dat hij zich nog zou melden, maar helaas

Op weg naar het winkelcentrum fietste ik door de buurt, overal kijken maar geen Puk te bekennen, en terug naar huis besloot ik nog even aan de andere kant van de straat naast ons huis te kijken. Mijn hart stond stil toen ik tussen de planten tussen de weg en het fietspad (zie rode vlek op foto) een grijs hoopje zag liggen, “als het maar blaadjes zijn, of grond” dacht ik nog, maar helaas.

Huilend raakte ik hem aan, helaas was het overduidelijk dat dit Puk was, hij was al helemaal stijf, de rechterkant van zijn koppie was bebloed, zijn oogje beschadigd, bloed uit zijn neus en oor, er was helaas geen twijfel over mogelijk dat hij dood was. Ik droeg zijn stijve lijfje in mijn arm terwijl ik met de fiets aan mijn andere hand naar huis liep, en legde hem naast de voordeur neer zodat ik mijn fiets neer kon zetten en de deur open kon maken.
Ik riep naar mijn lief dat ik Puk had gevonden, en dat hij dood was; hij kwam naar beneden en ik viel hem huilend in de armen. Na een paar minuten droeg ik Puk naar binnen en we liepen naar de achtertuin, Jon kwam gelijk kijken en ruiken, en toen ik Puk even later op het gras neerlegde terwijl ik op zijn favoriete speelplek een diepe en brede kuil maakte, kwam Sherlock er ook bij, hij liep om hem heen, rook overal aan, en liep toen weer weg. Ik legde Puk in de kuil en bedekte hem eerst met een laag blaadjes van de Magnolia, ik kon het niet over mijn hart verkrijgen om tuingrond op hem te leggen, op zijn mooie vachtje, ook al had hij er zelf geen moeite mee gehad een paar dagen geleden toen hij onder de modder thuis was gekomen.

De katten liepen daarna een hele tijd buiten rond in de tuin, en af en toe doken ze onder de heg door naar de oprit van de achterburen. Misschien hadden ze Puk vanmorgen al zien liggen, wie zal het zeggen. Ik zette de kattenluikplank in de schuifpui, we zaten nog vol ongeloof en verdriet in de keuken en naar buiten kijkend zag ik ze in de zijtuin lopen, ruiken aan het gras waar Puk eerder nog had gelegen, en ik was zo opgelucht toen ik ze alledrie naar binnen zag komen, Fay sprong op de poef waar Puk altijd lag, rook er aan en sprong toen op haar slaapplekje

De schuifpui ging toen helemaal dicht, ik wilde me even geen zorgen maken over hun veiligheid. Ik ging even naar boven, iets doen ook al wist ik dat mijn hoofd hier helemaal niet naar stond. Gelijk kreeg ik gezelschap

Fay en Sherlock zijn gelukkig beste maatjes, ze zullen mekaar hard nodig hebben nu ze hun andere vriendje moeten missen. Eventjes ging ze op het plekje van Loki liggen

Maar toen de draad in mijn overlocker voor de zoveelste keer knapte kon ze het niet meer aanzien en liep naar boven, Sherlock en ik gingen toen naar beneden.
Lieve lieve Puk wat missen we je al. We mochten nog geen jaar van je genieten, en wat had je het naar je zin bij ons. We kregen je in november van Essie (ze is ook helemaal kapot van dit nieuws) die jullie als gast ouder in huis had genomen toen jij en Fay als kitten in het buitengebied van StWillebrord waren gevangen, zo bang en schuw als jullie toen waren was het allemaal goed aan het komen, we waren er bijna en ik verheugde me al zo op de tijd dat je bij mij op schoot zou gaan liggen. Eergisteren nog zette je aarzelend je pootjes op mijn been, om na een paar tellen het toch niet aan te durven.
Nooit meer stoeien met Sherlock

Nooit meer jou gekir horen als je ‘s avonds de gekke vijf minuten hebt en door het huis rent, om daarna weer lui op de bank of poef te gaan liggen

Nooit meer tussen ons in zitten als wij wat eten tijdens tv kijken, in de hoop dat er voor jou ook wat bij zit.
Nooit meer elke morgen gezellig naast me zitten

De “wat als” hoop ik snel van me af te gooien.
Wat als ik hem gisteravond niet meer naar buiten had gelaten.
Wat als ik nog wat langer op had gezeten.
Wat als ik hem vanmorgen rond half negen niet had geroepen.
Niet doen.
Hij kwam bijna altijd weer snel naar binnen, een enkele keer bleef hij een hele nacht weg, maar zat ‘s morgens alweer bij de deur, of lag op het bankje naast Sherlock die uit bezorgdheid dan ook maar buiten was gebleven. Hij heeft een geweldig leven gehad door te kunnen genieten van binnen en buiten samen met zijn maatjes, en zijn schroom en angsten overwonnen en daardoor lekker kunnen genieten van aaitjes van ons, helaas was het veel en veel te kort.
Het was nog lang niet zijn tijd, maar het is een schrale troost dat hij er niks van heeft gemerkt (geen afgesleten nageltjes) en hoogst waarschijnlijk op slag dood was. En dat ik hem vandaag al vond.
We missen je nu al lieve Puk, Jon en Sherlock lopen je de hele tijd te zoeken en te roepen en Fay ligt stilletjes op de toren naar buiten te kijken 😭
Het zal stil zijn zonder jou, je was zo ontzettend lief.





































