Vanmorgen ben ik dus naar de quilttentoonstelling geweest van de Terneuzense quiltgroep de Diamond Patchers, waar mijn moeder ook bij zit. Het is een hele grote groep, ze doen veel aan groepsprojecten, dus allemaal een blok van de maand-quilt maken, of allemaal een workshop volgen die door een gast docent word gegeven, en dan zie je dus veel dezelfde soort quilts, maar allemaal anders door ander stofgebruik, of andere compositie. Poeh, was dat één zin? Er hangen ook veel individuele quilts, en heel veel quilts en kunstobjecten van Helge van Drongelen, haast een privé tentoonstelling 🙂 Ze hebben een facebookpagina
Er staan twee quiltwinkeltjes, de Quilterie (toch? Met Bianca, nee hoor, je staat helemaal niet gek op de foto, vind ik, maar ja, ik ben al veel gewend wat gekte betreft)

en Quiltshop Leur,

en dan heeft de quiltgroep ook een verkoopkraam

met “tweedehands spullen”, tijdschriften, lapjes, en zelfs een onaffe top (die heb ik gekocht, voor het goede doel uiteraard, want ik heb al genoeg onaffe tops) . Ook stond er een tafel vol met Kika-beertjes, voor de verkoop uiteraard.

Lekkere soep, malse broodjes, goede koffie en thee, wat wil een mens nog meer. Appeltaart? Ja hoor, ook die hebben ze, maar heb ik niet genomen, geen tijd voor. Ik ben bij binnenkomst gelijk foto’s gaan maken (op verzoek voor hun website) en was hier om half 1 pas mee klaar! Het is de moeite waard om te gaan, zaterdag (21 mei) is de laatste dag! De foto’s van de quilts zullen na afloop te zien zijn op de website van de Diamond Patchers, ook al zal dat niet gelijk volgende week zijn, verzuchte de dame die dit gaat verzorgen (niet ik) want ze is niet zo handig hierin. Nee, ik heb niks aangeboden, ‘k heb al genoeg te doen.
En vanaf 16.00 uur zat ik weer op onze tentoonstelling in Heerle, hier nog wat sfeerfoto’s:

er werd veel gewezen

kopje koffie met een praatje

lekkere hapjes

(de schaal moest bij een tafel weggehaald worden omdat een man er maar van bleef eten, hahaha). Er kwamen mensen van Tholen, uit omgeving van Antwerpen, Terneuzen, en mensen uit omliggende dorpjes die het bij de slager of bakker hadden gehoord van deze tentoonstelling. Het was gewoon echt gezellig met een hoog “Hé da’s lang geleden, hoe is het er mee?” gehalte, sommigen hadden nog nooit van quilts gehoord en luisterden ademloos naar uitleg van de beeleden.

Morgen is het de laatste dag, van 13.00 tot 17.00 uur, en zolang ik niet in de weg loop, zal ik er dan ook weer zijn, gewoon omdat het zo gezellig is!










Voor morgen is er ook iets lekkers bij de koffie/thee, met vlaggetje 🙂

In het midden van de zaal namen twee dames demonstratief plaats, “Dan gaan we toch mooi hier zitten, of het nou mag of niet”, hoorde ik de een tegen de ander zeggen, en ze zaten te hannesen met het openmaken van een bakje huzarensalade of yoghurt; ze kwamen handen te kort en ik hoopte maar dat er niks omviel, want vaste vloerbedekking….
Mooi vond ik het gebruik van borduren en patchwork,
en prachtige quiltmotieven, van dichtbij rammelden sommige quilts behoorlijk; wie soppend naar binnen was gelopen denkend dat Amish staat voor perfectie, liep een illusie armer weer de zaal uit, de deur hard achter zich dicht slaand. 
Ik liep verder naar het volgende zaaltje waar de kleurrijke quilts van Dineke Ugen hingen
Dineke is de dame links.
Siersteekjes van de naaimachine zijn heel goed te gebruiken, zeker als je er mooi garen voor gebruikt, en dan de “lompe” overlocksteek op het gele stof, je moet het gewoon durven. Geen idee of het hart hieronder ook eentje van Dineke is, hij hing volgens mij op de gang en ik zag geen kaartje; foto zonder flits leek voor mijn gevoel bewogen, dus maakte ik er snel -foei- eentje met flits. Zonder flits is het quiltwerk heel goed te zien maar maakte de kleuren erg flets


en bij de andere quilt was het een huh wat is dit? 

Annelies Ghyselen, een vriendelijke dame uit België, toonde haar quilts achter in de grote zaal, en ik keek mijn ogen uit, wat een verschil aan technieken gebruikte ze in haar quilts, vrolijke gekleurde quilts en een enkele sombere, maar bij deze was de gebruikte techniek dan weer zo bijzonder dat je er toch naar bleef kijken zonder depressief te worden. Haar quilts hebben afgelopen jaren ook meegedaan met wedstrijden, ook in Veldhoven en Birmingham, zoals deze hieronder in detail
tot later de meer kunstzinnige “laat ik de brander hier eens op uitproberen” quilts.
Anemoon-achtige applicaties riepen vraagtekens op, hoe mooi en hoe kreeg ze dit voor elkaar, en opeens stond ze daar, terug van een pitstop of zo, en zo kon ik haar complimenten geven en vragen stellen, en ze was meer dan bereid om het een en ander uit te leggen. Ze had ook totaal geen bezwaar tegen het maken van detailfoto’s en het plaatsen hiervan mop mijn blog, want ze vond het fijn dat het zien van haar werk anderen weer stimuleerden om het ook te proberen.
De “anemonen” waren gemaakt mbv speciaal ijzerdraadjes die van buiten de rand naar het midden waren ingenaaid, en de onderkant was een vervilte laag wol. Als mijn geheugen zich niet in de steek laat zette ze eerst de voorkant op het te vervilten laag wol, ging toen vilten en zo trok de boel zich samen. Maar ik kan er dus ook helemaal naast zitten (houd dan je mond zou ik zeggen). Een vrouw vroeg hoe ze zoveel technieken kende, en ze zei dat ze heel veel had gelezen, gekeken, gevraagd en geprobeerd. “Durf te experimenteren, verleg je grenzen,” en laat dat nou toch ook zo in het informatieboekje staan wat we kregen bij het kaartje.
Bij het zien van dit detail van haar quilt dacht ik: “Dat zijn wel veel schaamlippen”, en toen las ik de naam van de quilt, “Lifespring”, joh, had ik het toch goed voor een keer. Gelukkig hangen er in het echt niet zoveel flapjes rond de vulva, want hoe meer plooien hoe meer er in kan blijven hangen. Oké, zo kan hij wel weer.