In dit laatste verslag over quilts in Maastricht (en de makers er achter) is er wat voor de traditionele als ook voor de modernere quiltliefhebbers. Dat is mooi, dan gaat niemand met een onbevredigend gevoel naar bed. Ja ik wilde hier iets achter zetten, maar nee, ik doe het niet, laten we het vooral netjes houden.
In een grote donker ogende zaal op de begane grond hingen de Amish quilts, van groot tot klein, somber of juist heel fleurig, sommige flink versleten, goed gebruikt dus. Het waren quilts uit de verzameling van de Zwitserse Jacques Légeret, zo las ik later in het boekje. Aan een tafeltje zaten twee mannen die erbij zaten alsof ze door hun vrouwen tegen hun zin in op sleeptouw waren genomen, toen ik op hun afstapte om de quilt achter hun beter te kunnen bekijken bijna wegdoken. En volgens mij is de meneer links dus Jacques Légeret. Op zijn website kan je meer over hem en de quilts en de geschiedenis te weten komen, maar dan moet je wel Frans kennen, of google translate inschakelen.
In het midden van de zaal namen twee dames demonstratief plaats, “Dan gaan we toch mooi hier zitten, of het nou mag of niet”, hoorde ik de een tegen de ander zeggen, en ze zaten te hannesen met het openmaken van een bakje huzarensalade of yoghurt; ze kwamen handen te kort en ik hoopte maar dat er niks omviel, want vaste vloerbedekking….
Mooi vond ik het gebruik van borduren en patchwork,
en prachtige quiltmotieven, van dichtbij rammelden sommige quilts behoorlijk; wie soppend naar binnen was gelopen denkend dat Amish staat voor perfectie, liep een illusie armer weer de zaal uit, de deur hard achter zich dicht slaand. 
De zaal uit lopend liep ik op een bekende quilt af, via Facebook had ik Sylvia Kaptein’s avontuur gevolgd tot opleiding van quiltdocent van de Judy Niemeyer methode (zeg ik het goed zo? Op haar website kan je er meer over lezen), en daar stond ze te demonstreren hoe ze in een hoog tempo zonder gebruik van spelden maar slechts gewapend met een lijmstift en een hele stapel patroondelen van stof voorzag. En nu net google-end op Judy Niemeyer kom ik uit op Quiltworx, en ik maar denken dat ik deze groep ook had gemist, niet dus! Valt weer mee. Klik op Quiltworx en je kan zien wat Judy’s methode is.
Ik liep verder naar het volgende zaaltje waar de kleurrijke quilts van Dineke Ugen hingen
Dineke is de dame links.
Siersteekjes van de naaimachine zijn heel goed te gebruiken, zeker als je er mooi garen voor gebruikt, en dan de “lompe” overlocksteek op het gele stof, je moet het gewoon durven. Geen idee of het hart hieronder ook eentje van Dineke is, hij hing volgens mij op de gang en ik zag geen kaartje; foto zonder flits leek voor mijn gevoel bewogen, dus maakte ik er snel -foei- eentje met flits. Zonder flits is het quiltwerk heel goed te zien maar maakte de kleuren erg flets

en mét flits zie je de kleuren zoals ze in het echt ook zijn, en zie je dat er glinstergaren is gebruikt. (in het album kan je ze groot bekijken) Klik op de foto hieronder om in het laatste album te komen
Ik hoop dat jullie net zo hebben genoten als ik, het was een mooie mix van quilts in Maastricht, de een meer in mijn smaak dan een ander, maar ze hadden allemaal één ding gemeen: ze waren met liefde en passie gemaakt! Volgend jaar hoop ik weer samen met mijn moeder naar Maastricht te kunnen gaan, enne, tussen twee haakjes: ze heet mevr. Bakker, of Truus, en niet “de moeder van Zipje en Zopje”. 🙂 aaah het valt ook niet mee.

en bij de andere quilt was het een huh wat is dit? 

Annelies Ghyselen, een vriendelijke dame uit België, toonde haar quilts achter in de grote zaal, en ik keek mijn ogen uit, wat een verschil aan technieken gebruikte ze in haar quilts, vrolijke gekleurde quilts en een enkele sombere, maar bij deze was de gebruikte techniek dan weer zo bijzonder dat je er toch naar bleef kijken zonder depressief te worden. Haar quilts hebben afgelopen jaren ook meegedaan met wedstrijden, ook in Veldhoven en Birmingham, zoals deze hieronder in detail
tot later de meer kunstzinnige “laat ik de brander hier eens op uitproberen” quilts.
Anemoon-achtige applicaties riepen vraagtekens op, hoe mooi en hoe kreeg ze dit voor elkaar, en opeens stond ze daar, terug van een pitstop of zo, en zo kon ik haar complimenten geven en vragen stellen, en ze was meer dan bereid om het een en ander uit te leggen. Ze had ook totaal geen bezwaar tegen het maken van detailfoto’s en het plaatsen hiervan mop mijn blog, want ze vond het fijn dat het zien van haar werk anderen weer stimuleerden om het ook te proberen.
De “anemonen” waren gemaakt mbv speciaal ijzerdraadjes die van buiten de rand naar het midden waren ingenaaid, en de onderkant was een vervilte laag wol. Als mijn geheugen zich niet in de steek laat zette ze eerst de voorkant op het te vervilten laag wol, ging toen vilten en zo trok de boel zich samen. Maar ik kan er dus ook helemaal naast zitten (houd dan je mond zou ik zeggen). Een vrouw vroeg hoe ze zoveel technieken kende, en ze zei dat ze heel veel had gelezen, gekeken, gevraagd en geprobeerd. “Durf te experimenteren, verleg je grenzen,” en laat dat nou toch ook zo in het informatieboekje staan wat we kregen bij het kaartje.
Bij het zien van dit detail van haar quilt dacht ik: “Dat zijn wel veel schaamlippen”, en toen las ik de naam van de quilt, “Lifespring”, joh, had ik het toch goed voor een keer. Gelukkig hangen er in het echt niet zoveel flapjes rond de vulva, want hoe meer plooien hoe meer er in kan blijven hangen. Oké, zo kan hij wel weer.
een hele vriendelijke dame; ze liet zien hoe ze m.b.v. een matje stof plooide door het steeds onder een stukje van het matje te schuiven, 
Eenmaal klaar met het plooien kon je het fixeren door er een stevige plakvlies op te strijken, en wilde je het tegen een andere stoflaag plakken, kon je hierna nog textiellijm gebruiken. In het fotoalbum zijn hiervan nog meer foto’s van te zien. Noga Schraibman-Cohen 
ik keek mijn ogen uit, wat een fantasie, wat een kleuren, zo mooi. Net als de quilts van QuilTrio Joint 



Wat ook vreselijk zonde was, is dat ik het zaaltje met OEQC wedstrijdquilts van afgelopen jaren van Elly Prins compleet gemist heb, dat vind ik zo erg, want ik had me er wel op verheugd, ook om haar doorquiltwerk te kunnen bestuderen. Gelukkig staan er ook enkelen op
Ik zag aan een tafel gevuld met foldertjes, boeken, schriftjes en tasjes een vrouw zitten, ze leek me buitenlands ook vanwege de naam van de makers van quiltjes waar ze bij zat, dus sprak ik haar in het Engels aan, en na een tijdje gepraat te hebben zag ik wie het was,
Wil Opio Oguta, een Nederlandse, en lachend gingen we over in ons moertaal. Ondertussen kreeg de tentmaker van Cairo het wel erg warm met dames die bijna op zijn schoot gingen zitten.
We dalen een trap af.
En zo liep ik een deur verder, waar deze dame -Ria Braspenning- voor de foto wilde poseren. Jette Clover was de docent van de masterclass, staat niet op de foto.
Van de gemaakte projecten van de cursisten van De Biezenmortel Masterclass 2015 mocht ik alleen een paar overzichtsfoto’s maken, de aanwezige dames waakten als moederkloeken over hun jongen. Ik heb alle gemaakte foto’s laten zien, zodat ze konden aanwijzen welke foto wel en welke niet mocht. Op weg naar de uitgang liepen we nog langs de verfkraam van
mijn moeder volgt haar blog, ze verft en experimenteert zelf ook graag en zo vaak als ze kan. Klik op de foto hieronder voor de foto’s uit het album van dit blogje. Er volgen nog een paar albums in het volgende blogje. 