In de afgelopen zes dagen is er veel gebeurd, gedaan en gelaten. Maandagmiddag hoorde ik de katten in de keuken in gesprek met elkaar, wat een feest is dat buiten spelen, alleen zo jammer dat net wanneer het leuk begint te worden ze opeens niet meer naar buiten kunnen. Dat moest anders. Ze besloten om gewoon niet meer naar binnen te lopen zodra het begon te schemeren, en vooral niet te reageren op de lokroep van de midnight snack.
Maar Jon kreeg tegen elf uur toch wel trek en liep naar binnen met Sherlock in zijn kielzog, vooruit, even een klein hapje, moet kunnen, zag ik hem denken. Dankzij de ingeslepen gewoonte om gelijk door te lopen naar de garage wetend dat ze daar hun eten krijgen, vergaten ze de afspraak die ze hadden gemaakt met de kleintjes. De deur van de garage ging dicht, en ik ging op zoek naar Puk en Fay. Ze renden door de tuin en hadden het reuze naar hun zin, maar binnen komen, ho maar. Ook niet toen ik ze probeerde te lokken met lekkere snoepjes, en daar ik te moe was om op te blijven staakte ik mijn pogingen, trok de schuifpui dicht en ging naar bed.
Ik voelde me als een ontaarde poezenmoeder toen ik halverwege de nacht wakker werd van harde donderklappen en bliksem, gevolgd door flinke plensbuien, maar wist dat nu opstaan om ze naar binnen te krijgen toch geen zin had, en probeerde weer te slapen. Ik ben geloof ik elk uur wel even wakker geworden, en kwam er uit toen ik de overbuurman naar zijn werk hoorde gaan. Om half acht was ik beneden en zag de kleintjes lekker liggen op het bankje en een stoel onder de veranda. Ik opende de schuifpui, ze openden even hun ogen maar maakten geen aanstalten om naar binnen te komen. Beetje teleurstellend. Pas toen Jon en Sherlock naar buiten liepen renden ze er op af , even neuzen, een bodycheck en samen naar de vijver om de salamanders te begroeten en lekker van het water te genieten, om daarna een tukje te doen, hier zie je Puk in zijn schuilplaats

Eind van de ochtend ging ik met jongste dochter even naar het tuincentrum, met een wagen vol perkplanten en enkele vaste planten keerden we tevreden huiswaarts, lekker lunchen bij ons thuis en daarna bracht ik ze naar huis. Het was al akelig warm geworden en we zette alles achter in de schaduw. De klimhortensia is een stek van onze struik en staat er nu bijna twee jaar, hij doet het goed en hopelijk gaat hij volgend jaar bloeien. Flopke de conifeer is al verdubbeld in hoogte en blijft mooi smal, hoger dan 2,5 meter zou hij volgens zijn stamboom niet worden, ik ben benieuwd. Klik hier voor het blogje van toen.

Toen alles was uitgeladen en bewonderd ging ik weer terug, de zon brandde te hard om nu in de tuin aan de slag te gaan. Ik zette mijn plantjes in bakken met water en ging er tegen de avond mee aan de slag, ik kon er drie grote hanging baskets mee vullen. De katten kwamen af en toe buurten, en opeens trok iets Puk’s aandacht bij de vijver
Jon komt er bij zitten (ander filmpje te zien op mijn kanaal) en ze proberen salamanders te pakken te krijgen, maar gelukkig voor deze reptielen vinden de katten het te nat om er vol in te gaan.
De vuurdoorn tegen de schutting had duidelijk last van de droogte, en om het water geven te vergemakkelijken zette ik er rondom een borderrandje in en groef deze deels in de grond. Elke keer als het water in de grond was getrokken schepte ik er weer een bakje water bij, Sherlock houdt de stand bij

en als hij ziet dat hij gemist kan worden gaat hij spelen met Puk en Fay
Jon besluit de wereld van hogerop te bekijken. Mooi zeg.

Heel mooi

Het is half tien als ik naar binnen ga, en tot mijn verbazing lopen de katten alle vier achter me aan, ik zet de schuifpui op een kleine kier, en na een snelle check in de keuken gaan de katten gewoon in de kamer liggen, beetje spelen, beetje bankhangen. Jon vindt het na een half uur wel goed zo en eist zijn eten, en daar is de rest het helemaal mee eens, hè, dat slaapt toch wel fijn wetend dat ze weer allemaal veilig binnen zijn voor de nacht.















































