Categoriearchief: Geen categorie

Durruf nie

Voordat we de laatste boodschapjes gingen doen om zijn koelkast en voorraadkastje te vullen, namen we een broodje bij La Place en aten deze voor de zaak op, lekker in het middagzonnetje aan een tafeltje. Het was een drukke winkelstraat, hier inTilburg, en tegen de gevel van een andere winkel aan stond een muzikaal trio; mannen van ik schat 65+, charmant en vriendelijk en goed verzorgd uiterlijk. Vraag me niet op wat voor instrumenten ze speelden, gitaar, bas en drum? Het klonk in ieder geval heerlijk, beetje Dixieland-achtig, swingend en herkenbaar, muziek van de jaren 30 tot 60 hoorden we, en omdat veel van deze muziek door de jongere artiesten gecovered is, herkende Tim er ook veel van. En zo aten we al genietend onze broodjes op, regelmatig hoorde je gerinkel van geld, door passanten in de reiskoffer geworpen, gevolgd door een bedankje in de vorm van een roffeltje of een hoofdknik.

Een jonge man stond met een buggy aan de hand op een afstandje toe te kijken, zijn dochtertje van amper een turf hoog stond veilig naast papa, op de ritme van de muziek te wiebelen met haar knietjes, hoofdje en handjes. Haar vader boog zich na een tijdje naar haar toe en fluisterde wat in haar oor, en ze knikte stralend. Terwijl hij zijn portemonnee trok, stak ze beide handjes als een kommetje voor zich uit, en aandachtig keek ze toe hoe hij muntjes in haar handjes legde. De portemonnee werd opgeborgen en het handje waarin de muntjes zaten ging stevig dicht. Haar vader gebaarde haar, dat ze het geld in de koffer moest doen, kijk maar, net zoals die meneer daar doet. Ze draaide op een been, haar andere been kruislings gebogen, alsof ze naar de wc moest, en met gebogen hoofdje mompelde ze wat. Haar vader boog zich naar haar toe, kom maar, dan loop ik mee, en stapje voor stapje kwamen ze dichterbij, het meisje kroop bijna tussen de benen van haar vader door, zo verlegen.
Ondertussen speelde het bandje rustig door, het tafereeltje onopvallend in de gaten houdend om het meisje niet meer verlegen te maken dan ze al was. maar als het kindje om zich heen had gekeken, dan was ze helemaal dicht geklapt, want rond haar -op een veilige afstand om niet op te vallen- stonden veel mensen haar met een glimlach te bekijken.
Eindelijk stonden ze bij de koffer, en de vader zei wat tegen het kindje, maar ze schudden haar hoofdje en hield het knuisje stevig dicht. Papa pakte haar handje en hield deze boven de koffer, toemaar, laat maar vallen, maar ze keek heel beslist en liet niks los, waarop de vader haar handje open peuterde, vinger voor vinger, om het eerste muntje te pakken te krijgen. Toen hij het in de koffer liet vallen keek ze boos, en het huilen stond haar nader dan het lachen toen ook het andere muntje los werd gepeuterd. De muzikanten bedankten het kleine meisje, die absoluut geen oogcontact wilde maken, en met haar gezicht tegen de jas van haar vader, zijn been omklemmend, liepen ze verder, vader bijna struikelend over de kleine beentjes van zijn kleine meid.
Met een “aaah” liepen de toeschouwers ook ieder hun kant uit, en de muzikanten speelden verder, alsof er niks was gebeurd. Dat was nogeens een lunch, met muziek en amusement, echt een feel good moment.

Tranen met tuiten

Na de fitness en de lunch plofte ik gisteren in de luie stoel met een kopje koffie, om de aflevering van Bones van deze week te bekijken die op de recorder stond. Het was een herhaling, maar eentje die ik nooit had gezien, en dus was het genieten, tot het einde; de laatste minuten waren zo ontroerend, en ik zo labiel, dat de tranen over mijn wangen rolden, de een na de ander. Ik stond al snuffend op om een zakdoek te pakken, toen de deurbel ging. Ik deed met natte ogen de deur open, en de koerier overhandigde mij 2 pakjes; terwijl ik een handtekening zette, voelde ik zijn ogen op me gericht. Ik gaf hem het handteken-kastje terug (gebeurt elektronisch), veegde nog een traan van mijn wang af, en hij keek me langdurig en met een blik vol medelijden vragend aan. Ik lachte en legde uit dat ik had zitten huilen bij een heel ontroerend eind van een tv programma, en hij vroeg toen gelijk welk programma het was. Uh, dat had ik niet verwacht, de meeste koeriers zeggen boeh noch bah.
“Bones”, ze ik, en hij knikte begrijpend, “Aaah”, zei hij, “jaa.”, zijn vrouw had er vast ook bij zitten snotteren, misschien hijzelf ook, ik zag hem er wel voor aan. Terwijl hij het busje keerde, gaf ik het pakket aan Evelien die net van de trap af kwam, – en toen ik weer naar buiten keek (glazen voorpui), zag ik de chauffeur en de naast hem zittende koerier lachend naar me kijken, terwijl ze weg reden.

Evelien vroeg bezorgd wat er aan de hand was, en toen ik zei dat het van de aflevering van Bones kwam, lachte ze opgelucht. Ja, ze kende die aflevering, ze had er zelf ook lekker bij zitten huilen. Niets lekkerder dan de tranen de vrije loop laten gaan bij tv-series, vind ik. En soms schiet het door, als er bv nog onverwerkt oud zeer zit, en dat komt er dan gewoon mee uit; daar knap je zo van op, ook al zie je er de eerste uren niet uit, met rode neus en rode ogen.

Brr, echt herfst

Wat had ik het koud vannacht, ik lag te bibberen onder de zomerquilt, en had er een dunne wollen Didas-deken overheen gegooid, en nog had ik het koud. En daar lag ik, ik de hele vroege uurtjes -de bosuil was wel al wakker- te denken aan mijn zoon, voor de eerste nacht in zijn eigen huis, met slechts 1 quilt op bed en geen mogelijkheid om er een andere van de overloop bij te pakken. Het is dat je het niet kan maken ( en dat ik geen sleutel heb van zijn huis), want anders was ik vast met een dikke quilt onder de arm in de auto gestapt en even naar hem toe gereden. Nee, ik weet dat dit te genant voor woorden is, vanuit het standpunt van een 19 jarige jongen gezien. De dikke flanellen ragtime quilt voor zijn bed stopte ik vanmorgen gelijk in de was, na eerst Zopje er vanaf te hebben gejaagd, en hij (de quilt) zit al in de droger, klaar om mee te gaan naar Tilburg, misschien dat ik hem wel breng, of niet. Ik hoor Evelien al verzuchten “mahaam, dat moet hij allemaal zelf doen nu, dat lukt hem wel.” Ze schijnt gisteren tegen haar broer gezegd te hebben dat hij mij niet meer moet vragen om hem weg te brengen, “mama loopt op d’r tandvlees.”, zei ze. Ja, zo voelde het wel, ook vanmorgen bij fitness was ik al na 20 minuten gesloopt.

Opeens op kamers

6 Dagen voor aanvang van zijn studie kreeg Tim opeens een uitnodiging om naar een kamer te komen kijken, en enthousiast kwam hij na afloop thuis, dat hij het wel zag zitten.  Best wel schoon, best wel groot, best wel dichtbij universiteit, best wel rustig met nog 4 andere jongens in huis, en voor het slapen had hij de kamer al geaccepteerd; voor €260,- all-in huur per maand hoor je ons niet klagen. (dit is onze tweede die op kamers gaat om te studeren, de een geneeskunde en de ander econometrie)

Donderdag kreeg hij de sleutel en mocht ik ook mee, o-dear, dat was schrikken. Ten eerste schrok ik al van de jeugdige huisbaas, 6 jaar ouder dan Tim, en ten tweede de schrik dat wat je op televisie ziet van studentenhuizen met jongens ook echt zo er uit ziet, en niet voor de tv extra wordt aangedikt!

Op de muren in de gang, alle deuren, en de hele keuken was flink getekend, geschreven en beplakt. Het is een jaren 60 rijtjeshuis, geheel authentiek, dus zelfde wc en douchehok als toen, enkele beglazing en natuurlijke ventilatie (rotte kozijnen). Tims kamer, de achterste helft van wat vroeger de woonkamer was, maar die nu in 2 kamers is opgedeeld d.m.v. een gipsen wand, heeft nog een oude houten parketvloer, de muren zien er niet uit, echt versleten kale muren maar Tim vindt het geweldig! Ik opperde nog om met een verfroller de tussenmuur te witten, maar dat was niet nodig. “Ik plak er wel een paar posters tegen, dan zie je het ook niet meer.” Wel ja, waarom ook niet. In het hoekje waar de leidingen het plafond in gingen, zat een vies beschimmeld doekje geklemd, en de huisbaas zei dat hij er gelijk naar zou laten kijken -niet dus-. Het verduisteringsrolgordijn dat in zijn kamer voor de tuindeuren hangt, is bijna een halve meter te kort, en valt net over de verwarming, dus daar gaat je warme lucht in de winter!


De hele tuin is vorige week in zijn geheel opnieuw betegeld, en er komt over een week ook nog een schuurtje om de fietsen in te kunnen zetten, en ook komt er over een week of 2 een nieuwe keuken, zo sprak de huurbaas.

Vrijdag gingen Tim en ik er naar toe om schoon te maken, gewapend met schuursponsjes en een lekker sopje aan de slag door de kamer, alles kreeg een stevige schrobbeurt; 3 keer schoon water moeten pakken, het was werkelijk te vies voor woorden, maar eenmaal schoon waren we heel tevreden, wat een leuke kamer!

Nog een snelle koelkastcheck in de vieze, uit elkaar vallende keuken, maakte dat ik er helemaal niet vrolijk van werd, ik had wel een zus van Rob de Geus kunnen zijn!  Achter de deur met kansloze rubbertjes lagen tig flesjes bier, een klein doosje met eieren en verder hele vieze lekplekken, en de bodem van de koelkast was een reuze petrischaal vol kleurtjes, het liep zelfs tegen de wanden omhoog; snel de deur maar dichtgedaan, brrr.

Zondag was het een race tegen de klok; om 12 uur moest de auto met aanhanger in Etten-Leur zijn om de koelkast met diepvriesvak  (zaterdagavond gekocht op marktplaats) op te pikken.

De koelkast ophalen was meer een mannenwerkje, en ik reed met de meisjes (mijn dochters) naar Ikea om alvast bed e.d. te bestellen, (de enige van 220 lang, dus die keuze was niet moeilijk). Bij Ikea kwamen we onze mannen weer tegen, duidelijk niet op hun gemak (ik wil er uit!, stond op hun voorhoofd geschreven), terwijl de meisjes het naar hun zin hadden, vooral bij de kleine accessoires was het leuk; voor mij hoeft het ook niet zo, snel er in en snel er uit, net zoals seks bij de Amerikanen, or so I’m told. 


Gelukkig was het de hele middag droog, dus alles uitgeladen en achter op het plaatsje neergezet, en toen gingen ze met 4 man sterk het bed bouwen; het was ondertussen al bijna 5 uur toen de buitenbak in elkaar zat, en toen moesten ze aan de lattenbodem beginnen.
Mijn ventjes humeur was tot op het vriespunt gezakt, zo’n hekel heeft-ie aan dit werk, en de kids keken ook niet al te vrolijk meer. Soms heb je op het juiste moment een briljante ingeving, en zo ook nu; ik stelde voor dat manlief samen met de jongste spruit de boedelbak weer terug zou brengen, en dan zouden wij met z’n drietjes het verder wel afmaken. Nou, ik heb hem nog nooit zo snel van knorrig naar blij zien kijken, en de kids ook. Je loopt elkaar toch in de weg, met 5 man in zo’n kamer. Om iets voor half 8 waren we klaar, tevreden, maar compleet gesloopt!

 nog even snel de naam op de deur zetten (en zus zet de letters nog extra aan).

Toen alles op z’n plaats stond, ontdekten we dat we te gehaast vertrokken waren, want we hadden geen quilt mee voor op bed, en het servies en bestek dat Tim bij Blokker had gekocht, stond thuis nog vrolijk op het aanrecht, en oja, mijn bureaustoel, mompelde zoonlief….

Dus dinsdagmorgen nog een ritje met een volle auto gemaakt, Tim terug meenemend (was al om half 11 klaar), loslaten is moeilijk. Maar helaas, nog voor het avondeten is hij toch weer terug gegaan -met de trein- om te leren, maar ook om voor het eerst zijn eigen maaltje in zijn eigen kamer klaar te maken, en van zijn eigen servies te eten; hij had hier zo’n zin in. (kant en klare maaltijdsalade met kip) Ik kan me dit goed voorstellen, onder moeders vleugels vandaan, zelfstandig worden, je eigen boontjes doppen; het gaat weer even wennen worden, niet weten of ook deze spruit op tijd op de les is gekomen, of hij wel goed leert, eet enz. 

Gelukkig woont er nu nog eentje thuis om over te moederen, ik val nog niet helemaal in een gat.  

Cambridge

Photobucket

We hebben een mooie rit voor de boeg, en met wat culinaire en sanitaire tussenstops komen we in de middag aan bij ons hotel, gelegen aan de snelweg buiten de stad. Ook hier had mijn ventje een familyroom besteld, maar toen we het bed zagen waar er 2 kids in moesten slapen, moest er ingegrepen worden. Het was een smalle doorgezakte slaapbank, misschien leuk voor kleine kindjes, maar niet voor die lange slungels van ons. Bij de receptie konden we een aparte kamer voor T&S te regelen, helemaal aan het andere end van het hotel, en een verdieping lager. We duiken na het inchecken en na een korte rit Cambridge in, en tijdens het rondlopen zie ik toch een lief klein quiltwinkeltje!

CallyCo heet het, er hing geen quilt in de winkel, op die opgevouwen exemplaren in de etalage na, die met enorm onregelmatige supergrote steken summier waren doorgequilt. Je kan er zelf gemaakte dingen kopen zoals speldenkussentjes, speldenmapjes, patronen van tassen van Amy Butler, en wat van diens stoffenserie. Lintjes, bandjes en kraaltjes en materiaal zoals gespen en beugels. Ik ben binnen geweest, maar had geen digi bij me, een dag later heb ik deze foto’s gemaakt, en toen was de winkel dicht, helaas, maar toen was mijn bescheiden buit al binnen (enkel wat spelden). We genieten van het eten in een visrestaurant, en na wat slenteren door de stad gaan we naar hotel terug.

De volgende dag doen we een stadstour, met de hop-on-hop-off, de audio van deze bus werkte niet wegens ontbreken van oortjes en dus was het ouderwets gezellig met een echte gids. We hebben de rit bijna 2 keer gedaan, en toen merkte je dat de gids veel improviseerde. Het is een drukte van belang met al die toeristen, en je moet uitkijken voor de fietsers. Echt een studentenstad, en de leeftijd van deze studenten is jonger dan ik dacht, al kinderen van 14 zitten hier op college. Deze dag doen we een tapas restaurant aan, maar die in Tilburg is beter, was onze conclusie. Wat op internet als quiltwinkel stond aangegeven Sew Creative was een naaimachinewinkel met quilt attributen (liniaal enz.) en ik zag rollen stof achterin, maar de winkel was dicht, dus ik kon niet goed goed zien of ’t wat was, en of de winkel misschien dieper was. Voor nog een nachtje terug naar het hotel aan de snelweg, en dan op naar Londen, onze laatste stop.