happertjes

T16 Naast het pad aan de voorkant van ons huis, tussen pad en oprit om wat duidelijker te zijn, staan leibomen, hele mooie leibomen die heel hard aan een snoeibeurt toe waren.-de foto is van vorig jaar, toen de oprit nog een grintbak was en de rest van de looppaden glijbanen waren-

Ik wilde het snoeien eigenlijk aan de tuinmannen overlaten, maar die komen ws pas volgende week en de leibomen beginnen zo vol knop te schieten dat ik niet meer kon wachten. Bij de Boerenbond heb ik zo’n telescopische takkenschaar gekocht zodat ik er goed bij kon, maar voor de bovenste rij moest er toch een keukentrapje aan te pas komen. Het was aan het motregenen maar dat mocht de pret niet drukken, ik vond het zo zalig om weer lekker in de tuin te kunnen werken, dat ik die hoge luchtvochtigheid wel voor lief nam.

Tijdens het snoeien merkte ik dat ik aan het meehappen was met het happertje aan de andere kant van de steel (die trouwens de duimdikke takjes als luciferhoutjes doorsneed), zoals je ook meehapt als je een kind met de lepel aan het voeren bent. Het viel me op dat ik mijn mond open had toen ik een takje in mijn mond kreeg (ik was ver boven mijn hoofd aan het werken), gelukkig was het maar een kleintje, geen tanden uit mijn mond gebroken of zo.

Toen het ophield met zachtjes regenen en het water met bakken uit de lucht in mijn nek liep en ik naar binnen ging, viel het me pas op hoe zwaar het voor mijn armen -en handen- was geweest; ik pakte een kopje koffie en dat vloog bijna uit mijn handen, en toen ik later in de auto zat om Suzanne op te halen, kreeg ik bijna het stuur niet omgedraaid. Wat een watje hè, ik zal mijn spierballen morgen wel voelen. Hh Dat wordt morgen dan maar bankhangen, met een handwerkje in mijn handen -voor de vorm.